De drie wijzen

 

     Het lijkt haast onmogelijk om zonder invloed van de traditie te kijken naar het gebeuren waarbij de wijzen uit het oosten kwamen om het Kind Jezus te huldigen. De Bijbel is schaars met gegevens over deze wijzen, met hoeveel zij waren of wanneer zij bij het Kind Jezus kwamen. De traditie zegt dat het er drie waren. Dat denkt men, omdat er sprake is van drie geschenken. De drie wijzen worden ook wel eens verbonden met de drie bevolkingsgroepen, die uit het nageslacht van Noach zijn ontstaan, dus Sem, Cham en Jafet (Genesis 10). Of als afkomstig uit de toenmalig drie bekende werelddelen: Azië, Europa, Seba (Ethiopië). Dit is allemaal speculatie. De Bijbel vertelt ons slechts dat er wijzen zijn gekomen. We mogen er wel van uitgaan dat de wijzen met hun entourage een opvallende stoet vormden, toen zij Jeruzalem binnen trokken. Immers, Herodes en heel Jeruzalem raakten in opschudding (Matteüs 2:3).

 

     Matteüs 2:1 hoeft helemaal niet in te houden dat de wijzen in Jeruzalem aankwamen op het moment dat Jezus geboren was. De wijzen kwamen een hele tijd later aan in Betlehem. Matteüs 2:11 zegt dat Maria en Jezus op dat moment niet in een stal waren, maar in een huis. Ook wordt Jezus een kind genoemd, en niet een pasgeboren kindje. (Zie Lucas 2:12). Het is daarbij opmerkelijk dat Herodes nauwkeurig navraag doet naar het tijdstip waarop de ster in het oosten heeft geschenen (Matteüs 2:7), ‘overeenkomstig de tijd die hij bij de wijzen nauwkeurig onderzocht had’ (Matteüs 2:16), om zo de leeftijd van het Kind min of meer te kunnen bepalen. Daarmee in overeenstemming laat hij in Betlehem alle jongetjes tot twee jaar oud vermoorden. Als de Heer Jezus pas geboren was, had hij slechts alle baby’s moeten laten vermoorden. 

 

     Nebukadnessar gaf het hoofd van zijn hovelingen de opdracht om uit de gedeporteerde Israëlieten mannen te zoeken om dienst te doen in zijn paleis (Daniël 1:4). Daarbij stelde hij enkele vereisten waaraan ze moesten voldoen, o.a. ‘ervaren in allerlei wijsheid, in het bezit van kennis en met inzicht in wetenschap’. Ook Daniël hoorde bij deze geselecteerden.

 

     Later lezen we van Daniël, dat hij tot overste werd gesteld over de wijzen van Babel (Daniël 2:48). In Daniël 2:13 lezen we dat het bevel werd uitgevaardigd om alle wijzen van Babel te doden, omdat ze de droom van de koning niet konden uitleggen. Eerder lezen we in vers 2 over geleerden, bezweerders, tovenaars en Chaldeeën (wellicht astrologen). Kennelijk werden deze vier groepen beschouwd als wijzen (Daniël 5:11). Aangezien de wijzen die naar Jeruzalem kwamen om de koning der Joden eer te bewijzen, zich bezighielden met de sterren, lijkt het mij dat zij behoorden tot de groep geleerden of Chaldeeën, niet zozeer tot de bezweerders of tovenaars. Het waren dan veel meer mensen die op zoek waren naar de werkelijkheid van de dingen, naar de waarheid en naar wijsheid.

 

     Wellicht deden ze dit niet altijd op de juiste manier. Toch kwam God hun tegemoet op hun eigen terrein door een bijzondere ster te laten verschijnen. En hebben ze niet gevonden wat ze zochten? Wie deze wijzen precies waren, weten we niet met honderd procent zekerheid. Hoe dan ook, hun komst is een voorafschaduwing van een profetisch perspectief. (Oude Sporen) En dit is mijn getuigenis in naam van Jezus Christus. Amen.