Heeft de dag van engelen en wonderen opgehouden

 

     Sommige kerken leren dat de dag van de engelen en wonderen (zie Moroni 7:29-39) ophielden met de bediening van Jezus Christus en zijn apostelen in Jeruzalem. Maar 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen' leert dat niet. Voor ons is de tijd van engelen en wonderen niet voorbij. Alle heiligen geloven en zien ook wonderen in hun leven gebeuren. Zoals Mormon het heeft gezegd: "Want het is door geloof, dat wonderen worden gewrocht; daarom, indien deze dingen hebben opgehouden, dan heeft geloof eveneens opgehouden." (Zie Moroni 7:37-38.)

 

     Ik ben ervan overtuigd dat een van de hoofdthema's van het Boek van Mormon de rol, het bestaan en de cruciale deelname van engelen in het evangelieverhaal verweven is. De realiteit van engelen, hun werk en hun bediening wordt steeds belangrijker naarmate wij ouder worden. Ik spreek hier niet alleen over de engel Moroni, maar ook over de dienende engelen die bij ons en rondom ons zijn, die de macht hebben om ons te helpen en dat ook doen. (Zie 3 Nephi 7:18; Moroni 7:29–32, 37; L&V 107:20.)

 

     Wij zaaien het zaad in geloof en weldra zien wij het wonder dat het ontkiemt en zich ontwikkelt. De mensen begrijpen het dikwijls verkeerd en draaien het proces om. Ze willen eerst oogsten en dan zaaien of planten, de beloning voordat er is gediend, het wonder vóór het geloof. Velen van ons willen kracht hebben zonder te letten op gezondheidsvoorschriften, of voorspoed door de geopende vensters van de hemel, zonder hun tiende te betalen. We willen nauw contact met onze hemelse Vader hebben zonder te vasten en te bidden; we willen regeren op de juiste tijd en vrede in het land zonder de sabbat of zondagsrust in acht te nemen en de andere geboden van God te onderhouden.

 

     Ik vind dat we vaker moeten spreken over, geloven in en getuigen van de bediening van engelen. Zij zijn een van Gods grootste middelen om door de sluier heen te getuigen, en uit geen ander document in de hele wereld dan het Boek van Mormon komt dat beginsel zo duidelijk en krachtig naar voren.    

 

     Ouderling Bruce C. Hafen van de Zeventig heeft gezegd dat engelen de mensenkinderen nog steeds dienen: "De bediening van deze ongeziene engelen is een van de subliemste vormen van 'communicatie over en weer' tussen hemel en aarde, waarbij God zijn zorg voor ons kenbaar maakt en tastbare troost en geestelijke steun biedt aan wie in grote nood zijn. Wanneer komen de engelen? Als we naar getrouwheid streven, zijn ze dicht bij ons wanneer we ze het hardst nodig hebben." (1)

 

     Doch zie, mijn geliefde broeders, van u heb ik een beter beeld, want wegens uw zachtmoedigheid meen ik dat gij in Christus geloofd; want indien gij niet in Hem gelooft, dan zijt gij niet geschikt om onder het volk van zijn kerk te worden gerekend. (Moroni 7:39.) Het is natuurlijk zo, dat mensen in de kerk in verschillende mate geloof in de Heer hebben. Hoe zou u anders Mormons woorden uitleggen? Zou u net als Alma zeggen dat een sprankje geloof, zelfs niet meer dan het verlangen om te geloven (zie Alma 32:27) voldoende is om lid te worden van deze kerk? Mormon zegt niet dat ons geloof volmaakt moet zijn; hij spreekt over geloof in Christus wegens uw zachtmoedigheid. Dit zou erop wijzen dat als wij nederig vertrouwen stellen in de Heer, ons geloof niet volmaakt hoeft te zijn, in elk geval niet in het begin. (2) En dit getuig ik in Jezus naam. Amen.

 

(1. ‘When Do the Angels Come?’ Ensign, april 1992, blz. 12, 16.)

 

(2. Laat u voorlichten door de priesterschapsdragers van 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen', in de volksmond ook wel de Mormonen genoemd.)