De grootste gave van de Geest

 

     Hoeveel van mijn columnlezers streven naar de gaven die God beloofd heeft te verlenen? Hoeveel van hen smeken of die gaven aan hen verleend mogen worden, wanneer zij met hun gezin of in hun privé vertrek neerknielen voor hun Hemelse Vader? Hoeveel van hen vragen de Vader, in Jezus naam, om Zich door deze machten en gaven aan hen te manifesteren? Of gaan zij dag in dag uit door als een deur die op zijn scharnieren draait, zonder aan een dergelijk onderwerp te denken, en zonder geloof uit te oefenen; tevreden met het feit dat zij eventueel gedoopt zijn, zonder verder te gaan omdat zij denken dat hun zaligheid toch wel verzekerd is en zij al genoeg gedaan hebben?

 

     Als wij nog onvolmaakt zijn, is het onze plicht om voor die gaven te bidden die ons volmaakt zullen maken. Hebben u en ik onvolmaaktheden? Ja, volop. Wat is dan onze plicht? Onze plicht is God in een gebed te vragen die gaven te geven die de onvolmaaktheden in ons corrigeren. Als ik bijvoorbeeld een opvliegend man ben is het mijn plicht om in een gebed te vragen om meer naastenliefde te krijgen voor mijn medemens wat lankmoedigheid is en vriendelijkheid.

 

     Ben ik een afgunstig iemand? Dan is het is mijn plicht naar naastenliefde te streven, die niet afgunstig is. Voor dit doel zijn zij bestemd. Niemand mag zeggen: "Ik kan er niets aan doen want zo is mijn aard nou eenmaal." Hij is daar niet in gerechtvaardigd, want God heeft kracht beloofd om dergelijke dingen te verbeteren en gaven te geven die dergelijke dingen zullen uitroeien.

 

     Als het u aan wijsheid ontbreekt, dan is het uw plicht om God om wijsheid te vragen en dat geld voor alles. Dat is het doel van God met de juiste religie wat 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen' is. Hij wil dat de heiligen in de ultieme waarheid vervolmaakt worden. Voor dat doel heeft Hij al die gaven gegeven en verleent ze aan hen die ernaar streven, opdat zij, ondanks hun vele zwakheden, op aarde een volmaakt volk kunnen worden.

 

     De grootste gaven van de Geest zijn vrijwel voor een buitenstaander niet waar te nemen. Toch weten wij dat de gave van de Heilige Geest nu net zo goed verleend kan worden dan in de dagen van de apostelen tijdens de bediening van Jezus.

 

     Wij weten dat de gave van de Heilige Geest nodig is om het priesterschap te verlenen en te organiseren, dat geen man zonder die gave een ambt in de bediening kan vervullen. Verder geloven wij in profetie, in de gave van talen, in visioenen, in openbaringen, in de gave om te genezen, en dat dergelijke zaken, zonder de gave van de Heilige Geest, niet kunnen bestaan. Wij geloven hierin in al zijn volheid, macht, grootheid en glorie; maar hoewel wij dit doen, geloven wij erin op een redelijke en consequente manier, volgens de Schriften en niet volgens de wilde voorstellingen, dwaze denkbeelden en tradities van mensen.

 

     De mensheid is namelijk erg geneigd om in uitersten te vervallen, vooral in godsdienstige aangelegenheden en daarom zullen zij in het algemeen of iets wonderbaarlijkst verlangen, of niet geloven in de gave van de Heilige Geest. Met andere woorden: Als bijvoorbeeld een ouderling zijn handen op iemand legt, verwachten velen dat die persoon onmiddellijk op zou moeten staan en in bijvoorbeeld vreemde talen spreken of kunnen profeteren. De grootste, de beste en de nuttigste gaven zullen aan een dergelijke waarnemer ontgaan. (1) En dit getuig ik in Jezus naam. Amen.

 

(1. Laat u voorlichten door de priesterschapsdragers van 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen', in de volksmond ook wel de Mormonen genoemd.)