De Lamanieten zijn de afstammelingen van de Joden

 

     En dan zal het overblijfsel van ons nageslacht kennis van ons hebben, hoe wij uit Jeruzalem zijn gekomen, en dat zij afstammelingen der Joden zijn. (2 Nephi 30:4.)

 

     Vanaf ongeveer 1800 v. Chr. tot ongeveer 750 v. Chr. waren de namen Jood en Juda slechts van toepassing op een van de dertien stammen (als wij de stam van Jozef als twee stammen zien zoals in Numeri 2 wordt gedaan). Maar vanaf die tijd werden deze namen hoe langer hoe meer gebruikt voor alle bewoners van het koninkrijk Juda, dat in hoofdzaak bestond uit twee stammen - Juda en Benjamin - hoewel er veel leden van de andere stammen woonden, vooral van Levi. Het woord Jood (Judeeër) komt het eerst voor in het Oude Testament in 2 Koningen 16:6, kort voordat het noordelijke koninkrijk Israël door Assyrië werd verslagen. Daarna bleven de Joden van het zuidelijke koninkrijk het enige bekende overblijfsel van Israël. Daarmee bedoelde hij "hen, van wie ik geboren ben." (2 Nephi 33:8.) Daarom zijn Jood en Juda zowel de benaming van de natie als van de stam. Wat de Lamanieten betreft, die Joden zouden zijn, heeft ouderling Joseph Fielding Smith het volgende gezegd:

 

     "Het is waar dat Lehi en zijn gezin afstammelingen van Jozef waren door de lijn van Manasse, (Alma 10:3) en dat Ismaël een afstammeling van Efraïm was, volgens de verklaring van de profeet Joseph Smith. Dat de Nephieten afstammelingen van Jozef waren is ter vervulling van de zegeningen die door zijn vader Israël (Jacob) aan Jozef werden gegeven. De Nephieten behoorden tot de Joden, niet zozeer omdat zij van hen afstamden, maar omdat zij uit hetzelfde land kwamen, hoewel er waarschijnlijk wel vermenging van de stammen door onderlinge huwelijke had plaatsgevonden.

 

     De afstammelingen van Lehi worden niet alleen in het Boek van Mormon Joden genoemd, maar ook in de Leer en Verbonden. In afdeling 19 vers 27 staat het volgende: "Dat mijn woord is aan de andere volken, opdat het spoedig tot de Joden zal gaan, van wie de Lamanieten een overblijfsel zijn, opdat zij het evangelie zullen geloven, en niet zullen uitzien naar de komst van een Messias die al is gekomen." En eveneens de instructies aan de ouderlingen die van Kirtland naar Missouri waren gereisd, waar de Heer de plaats bekend maakte waar de tempel moest worden gebouwd. "Daarom is het wijsheid dat het land door de heiligen wordt gekocht, alsmede ieder stuk grond naar het westen toe, ja, tot aan de scheidingslijn tussen de Joden en de andere volken (niet-Joden)." (L&V 57:4.) Dat was de scheidingslijn tussen de blanken en de Indianen. (Anwers to Gospel Questions, deel 1, blz. 142-143.)

 

     Mukek zelf en misschien wel alle zogenaamde Mulekieten waren afstammelingen van de stam Juda. Zij waren erg talrijk toen het volk van Mosiah ze ontdekte. (Zie Omni 1:17.) Daarom zijn de Lamanieten behalve afstammelingen van de Joden omdat zij uit het zelfde land stammen, ook Joden omdat er veel bloed van Juda en zelfs van de koninklijke lijn in hun aderen vloeit.

 

     De dag van de Lamanieten nadert. Al jaren zijn zij bezig een aangenaam volk te worden en eens zullen zij een blank en aangenaam volk zijn, zoals hen beloofd werd. Op een foto van twintig Lamanitische zendelingen waren er vijftien van de twintig net zo blank als Engelsen; vijf waren donkerder van huid maar even aangenaam van uiterlijk. En dit is mijn getuigenis in naam van Jezus Christus. Amen.