Zij die de tekenen des tijds herkennen

 

     Iemand die geloofd dat Joseph Smith het Boek van Mormon zelf heeft geschreven moet hem toch wel grote profetische gaven toeschrijven. In 2 Nephi, de hoofdstukken 28 t/m 30 staan meerdere opmerkelijke voorspellingen die inmiddels vervuld zijn. In 1830 leek het er niet erg op dat zij ooit vervuld zouden worden. Is het gemakkelijker om te geloven dat Joseph Smith een buitengewoon geniale man was dan dat hij een profeet was, geroepen om een goddelijk verslag te vertalen? Als hij was wat hij zelf zei, dan hebben degenen die de profetieën van Nephi in vervulling zien gaan een wegenkaart die ze in veiligheid kan brengen. Als de profetieën waar zijn, dan is de rest van de leringen waar, en leiden zij tot het navolgen van Christus, weg van de misleidingen.

 

     "En dan zullen zij zich verheugen; want zij zullen weten dat het voor hen een zegen uit de hand van God is; en de schellen van duisternis zullen hun van de ogen beginnen te vallen; en er zullen niet vele geslachten onder hen voorbijgaan, vooraleer zij een rein en aangenaam volk zijn." (2 Nephi 30:6.) Als deel van het verbondsvolk van de Heer, een deel waarop een vloek viel wegens de goddeloosheid van hun vaders, moeten de Lamanieten nog opstaan als een teken dat het einde nadert. In maart 1831 openbaarde de Heer: "Maar voordat de grote dag des Heren komt, zal Jakob in de wildernis gedijen, en de Lamanieten zullen bloeien als een roos. Zion zal gedijen op de heuvels en juichen op de bergen, en zal worden bijeengebracht tot de plaats die Ik aangewezen heb." (L&V 49:24-25.)

 

     Sommige Lamanieten, die al vergaderd zijn in de kudde van Christus, bloeien al met alle vruchten die tot het (herstelde) evangelie behoren; de geestelijke duisternis begint van hun ogen te wijken, volgens de belofte in 2 Nephi 30:6; en zij zullen nog als volk even blank, aangenaam en aantrekkelijk worden als hun Nephitische broeders ooit waren. Al bloeit Jakob, met Efraim aan het hoofd, in de wildernis, waar Brigham Young hem geleid heeft, een wildernis (Salt Lake City) die sindsdien is gaan bloeien als een roos.

 

     "En het zal geschieden dat de Joden die verstrooid zijn, eveneens in Christus beginnen te geloven; en zij zullen zich op het oppervlak van het land beginnen te vergaderen;" (2 Nephi 30:7.) Veel van de oude Joodse bitterheid tegen Christus is verdwenen; vele accepteren Hem thans als een grote rabbi, hoewel zij niet geloven dat Hij de Zoon van God was. Enkelen hebben Hem wel aanvaard als de Christus en zijn tot de ware kerk toegetreden, samen met de vergaderde overblijfselen van Efraïm en zijn broeders.

 

     Maar de grote bekering van de Joden, hun terugkeer tot de waarheid als een natie zal volgen op de wederkomst van hun Messias. Zij die nog overgebleven zijn in die dagen van uiterste nood en ellende zullen vragen: "En dan zullen de Joden Mij aanzien en zeggen: Wat zijn dat voor wonden in uw handen en in uw voeten? Dan zullen zij weten dat Ik de Heer ben; want Ik zal hun zeggen: Deze wonden zijn de wonden waarmee Ik verwond werd in het huis van mijn vrienden. Ik ben het die verhoogd is. Ik ben Jezus die gekruisigd is. Ik ben de Zoon van God." (L&V 45:51-52; zie ook Zacharia 12:8-14; 13:6.) Het aantal Joden in Israël is de symbolische kaap van 6 miljoen gepasseerd. Er was er praktisch geen een in 1830. Alles geschiedt, volgens plan en dit is mijn getuigenis in naam van Jezus Christus. Amen.