Ons hart openstellen voor de Heilige Geest

 

    Het graveren van duizenden en duizenden kleine schrifttekens op de gouden platen moet een langzaam en eentonig werk zijn geweest. Hoeveel uren moet Nephi niet gewerkt hebben aan het verslag van zijn volk, dit godsdienstige verslag, dat de Heer hem geboden had bij te houden zonder de reden ervan bekend te maken. (Zie 1 Nephi 9:3-5.)

 

     Hij had verteld over de eerste moeilijke tijd, nadat zijn Vader met zijn gezin Jeruzalem had verlaten. Hij had verteld over de bittere haat en de pogingen tot moord die zijn familie, na hun aankomst in het beloofde land, uiteindelijk verdeeld hadden. Visioenen, profetieën en openbaringen had hij erin opgeschreven. De patriarchale zegens van zijn vader, de geïnspireerde geschriften van Jesaja, de prediking van zijn broer Jakob; allemaal had hij ze opgeschreven.

 

     Nu zou de tijd spoedig komen dat hij de sterfelijkheid zou verlaten om naar het paradijs van God te gaan. Jakob zou het heilig rentmeesterschap van hem overnemen en hij zou de gouden platen voorgoed af moeten staan. Vanaf het begin had hij duidelijk gemaakt dat deze platen slechts een bijzonder soort informatie zouden bevatten. Dingen van historische waarde, want zelfs dingen van godsdienstige waarde zoals genealogie, zouden de kostbare ruimte niet innemen, want hij achtte het niet belangrijk om in bijzonderheden een volledig verslag te geven van alle dingen van zijn vader, daar hij de ruimte verlangde om te kunnen schrijven over de dingen Gods. Want zijn gehele oogmerk was de mensen ertoe te bewegen tot de God van Abraham, Isaak, en Jakob te komen en te worden gered. Daarom schreef hij niet de dingen die voor de wereld aangenaam zijn, maar wél de dingen die aangenaam zijn voor God en voor hen die niet van de wereld zijn. (1 Nephi 6:3-5.)

 

     In zijn laatste hoofdstuk laat Nephi ons weten dat hij "door de macht van de Heilige Geest spreekt en voert de macht van de Heilige Geest het tot het hart der mensenkinderen." (Zie 2 Nephi 33:1.)

 

     Er bestaat dus een zekerder manier om te weten dan te zien met onze ogen. Ondanks alle logica en uiterlijke bewijzen van de waarheid van het evangelie, komt het toch neer op het getuigenis van de Heilige Geest. "Was ons hart niet brandende in ons?" (Lucas 24:32.) is heden ten dage even toepasselijk als het was in de tijd van Christus.

 

     In de hedendaagse openbaringen heeft de Heer ons een manier gegeven waarop wij geestelijke waarheden kunnen vinden. In de Leer en Verbonden zegt Hij in eenvoudige woorden: "Maar zie, Ik zeg u dat u het in uw gedachten moet uitvorsen; daarna moet u Mij vragen of het juist is, en indien het juist is, zal Ik uw boezem in u doen branden; bijgevolg zult u voelen dat het juist is." (L&V 9:8.)

 

     De woorden 'bijgevolg zult u voelen dat het juist is' duiden op een warm, vredig gevoel, een gevoel dat de ziel raakt, dat door zijn vrede en warmte uniek is omdat het van Jezus Christus uitgaat en dat een grotere kennis en een sterker getuigenis geeft dan lichamelijke gevoelens.

 

     In 2 Nephi 33:5-15 krijgen wij meer inzicht in hen die veel tijd besteden aan het in diskrediet brengen van het Boek van Mormon. Nephi geeft hier duidelijk aan waar deze kritiek vandaan komt, hoewel zij, die uiting geven aan deze kritiek, dikwijls geloven dat zij het doen in de naam van God en ware godsdienst. Wat ben ik blij met de wetenschap dat de Heilige Geest werkelijk voor een waardig lid van 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen', een realiteit is. En dit getuig ik in Jezus naam. Amen.