Als u Hem wilt horen zal Hij van­daag nog tot u spreken

 

    Velen blijken in hun eentje te reizen, omdat dit bij hun allerlei herinneringen oproept, alsof die niet gedijen op hun rust, maar op hun eenzaamheid. Ze blijken bij te dragen aan hun wordingsproces, omdat zij hun innerlijk op zichzelf betrekken. Ze krijgen hierdoor herinneringen die bij hun een halt toeroepen aan hun gevoelens van vervreemding. Daarom zijn ze voor hen waardevol en zelfs hoopvol, ook als ze negatief van aard zijn.

 

     Nu is het zo dat wanhoop begint als je, je echt niets meer kunt herinneren, zoals bij geheugenverlies. Je wordt dan het slachtoffer van verloren en/of verlaten zijn, zowel voor jezelf als ten opzichte van de ander. Maar zij groeiden op zonder zich bewust te zijn geweest van zaken die zij hebben verdrongen omdat die maar beter onzichtbaar konden blijven. Anderen vinden dat het toch maar beter is om naar een verhouding te zoeken.

 

     Deze tijd komen er nieuwe filosofische interpretaties die de zin en het belang van het herinneren onderzoeken. Zij gaan van de gedachten uit dat de herinnering het verleden weer actualiseert, waardoor je er een nieuwe verhouding of nieuwe interpretatie aan kan geven. Hierdoor zouden zij in staat kunnen worden om zeer spijtige kwesties niet langer als onneembare en onwrikbare obstakels te beschouwen. Al herinnerend ontstaan er dan nieuwe schaduwzijden en nieuwe lichtpunten. Ze krijgen dan het advies dat het van belang is de herinneringen uit hun vaste kaders te tillen en met behulp van hun verbeeldingskracht nieuwe verhalen te smeden, want daarmee zouden de zwaarste herinneringen uiteindelijk kunnen bijdragen aan een hoopvol einde.

 

     Ik ben blij dat ik dit wereldse denken terzijde heb gelegd, want ik geloof er niet in. Ik heb mij daarentegen toegelegd om alles via de eeuwigheid te benaderen en heb geleerd dat die aan alles bekendheid geeft als je maar geduld hebt.

 

     De sublieme boodschap van 'De Kerk van Jezus Christus van de Heili­gen der Laatste Dagen', dat God de Vader van mijn geest is, geeft mij de weg naar Hem terug.

 

     God heeft mij geroepen want Hij kent al mijn gedachten, mijn ver­driet en mijn grootste hoop. God weet van de vele keren dat ik Hem gezocht heb, zonder dit zelf beseft te hebben. De vele keren dat ik grenzeloze vreugde heb gevoeld, dat ik in eenzaamheid heb gehuild, dat ik mij hulpeloos, verward of boos gevoeld heb.

 

     Maar wat mijn achtergrond ook is - of ik nu gewankeld of gefaald heb of mij gebroken, verbitterd, verraden of verslagen voelde - weet ik dat ik ondanks mijn eenzaamheid niet alleen ben. God roept mij nog steeds.

 

     De Heiland strekt zijn hand naar mij uit. En, net zoals Hij lang geleden tot die vissers aan de oever van de Zee van Galilea sprak, zegt Hij met onein­dige liefde tot mij: "Kom, volg Mij." (Zie Mattheüs 4:19; Lukas 18:22.)  

 

     Als u Hem wilt horen, zal Hij van­daag nog tot u spreken. Als u het pad van het discipel­schap betreedt, wanneer u koers zet naar onze hemelse Vader - verzekert iets in u dat u de roep van de Heiland hebt gehoord en uw hart op zijn Licht hebt afgestemd. Daardoor weet u dat u op het juiste pad en onderweg naar huis bent.

 

     In de Schriften staan duizenden redenen waarom we dat zouden moe­ten doen. Ik heb dat gedaan en mijn leven is er aanzienlijk op vooruit gegaan en nu gebruikt Hij mij om anderen beter te maken of te redden en dat maakt mij weer gelukkig. En dit getuig ik in Jezus Christus naam. Amen.