Hij zal ze belijden en verzaken

 

     "Alleen in uw fantasie bent u echt vrij," schrijft Arnon Grunberg. Fantasieën zijn volgens hem niet gebonden aan morele beperkingen. "Verkrachting van dieren, kinderen, buitenaardse wezens, vernedering - in de fantasie mag alles." Volgens Grunberg valt fantasie buiten de moraal. Anderen ondervinden er immers geen hinder van.

 

     Doorgeschoten moralisme is nergens goed voor, een gedachtepolitie wil niemand. Toch kun je je afvragen of de grens tussen fantasie en wil, niet troebeler is dan Grunberg voorstelt. Spreekt uit elke fantasie gedachte niet een zekere wens? De gedachte zijn de voorbereidingen van de daden, moet je daar wel aan toegeven?

 

     De ja knikkers vinden dat fantasieën in verschillende soorten en maten komen. Sommige fantasieën ontstaan spontaan en zijn ongecontroleerd: ze overkomen je. Neem een droom waarin je een seksuele fantasie beleeft, die je er wakende  niet op na houdt. Kerkvader Augustinus erkende in zijn belijdenissen dat hij zich schuldig voelde omdat hij seksuele dromen had.

 

     Een dergelijk schuldgevoel lijkt, buiten een religieuze context, echter misplaatst. Dromen hebben doorgaans geen, of hooguit een zwakke link met wensvervulling. We kunnen onze dromen niet kiezen, we hebben er geen controle over (dag dromers uitgezonderd). "Gij zult geen  dromen hebben!" zou een absurd gebod zijn. Waar je geen controle over hebt, daar draag je ook geen morele verantwoordelijkheid voor.

 

     De nee knikkers vinden dat wat zich afspeelt in de geest ook moreel gewicht heeft. Neem Immanuel Kant, die stelde dat de intentie van een handeling van invloed is op het morele gehalte ervan. Iemand die geld doneert vanuit edelmoedigheid handelt moreel, maar dat geldt niet voor iemand die geld doneert vanuit pure ijdeltuiterij. Motivatie en intentie doen ertoe. Fantasieën kunnen beweegredenen en voornemens beïnvloeden, zelfs gedrag. Wie er kwaadaardige fantasieën op na houdt, zal vermoedelijk ook een kwaadaardige handeling begaan. En zelfs ook al blijft het bij fantasie, ook dan is er ruimte voor een morele evaluatie. Niet in de vorm van een strikt verbod, maar wel in termen van goed of fout.  Al is een macabere fantasie niet verboden, toch kunnen we die fantasie beoordelen als afkeurenswaardig. Dat geldt ook voor de fantasieën over verkrachting /vernedering. Als fantasie, vallen die buiten het stelsel van morele geboden maar we kunnen ze wel als onfatsoenlijk, onterend, onwenselijk of gruwelijk beschouwen.  

 

     Door te bidden, te vasten en ijverig te studeren, kunnen we hulp van onze hemelse Vader krijgen. Hij zal ons troosten, sterken en ons door zijn Heilige Geest onder richten. Hij zal ons vaak door middel van onze echtgenote en/of priesterschapsleiders geïnspireerde raad geven. Soms zal Hij ons pad effenen door de problemen weg te nemen. Soms zal Hij ons op een ander spoor zetten.

 

     Maar af en toe kunnen we alleen dergelijke fantasieën stoppen als daar een walging aan vooraf gaat die onze bekering bespoedigd en dat kan je alleen maar bereiken door het in een groep te gooien, want die kunnen je helpen  schoon schip te maken. Bekering is de enige manier de zonde te verwijderen zodat je met je leven verder kan gaan. "Hierdoor zult gij weten of iemand zich van zijn zonden bekeert - zie, hij zal ze belijden en ze verzaken." (1) En dit is mijn getuigenis in naam van Jezus Christus. Amen.

 

(1. Zie Leer en Verbonden 58:43.) 

 

Laat u voorlichten door de priesterschapsdragers van 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen', in de volksmond ook wel de Mormonen genoemd.)