Met mij is het helemaal goed gekomen

 

     Er zijn mensen die vinden dat de wereld is veranderd, dat we nu in het tijdperk van de Game zijn aangeland, dat Game te maken heeft met de technische revolutie waar we op dit moment middenin zitten. Anderen vinden dat er sprake is van een ander gezichtspunt, dat dit niet een technische revolutie is, maar dat je technologische mogelijkheden als de Smart of iPhone, Google en Spotify met bergen moet vergelijken. Ze vallen op, steken uit, maar komen wel degelijk voort uit ideeën, die alleen niet zichtbaar zijn. 

 

     De eersten stellen dat de meeste van die Games uit de ideeën van mensen kwamen die in de jaren zeventig, tachtig en negentig in de hippiecultuur rondhingen, in de bekende Californische tegencultuur. Ze wilden de bestaande beschaving verwoesten. Ze waren tegen de machthebbers, de oorlog en de elitepolitiek.

 

     Bij hen lagen de twee wereldoorlogen nog vers in het geheugen. Hun ouders en grootouders hadden gevochten om de grenzen te verdedigen en moesten vaak hun leven geven om die grens een paar meter op te schuiven.

 

     In de negentiende en twintigste eeuw draaide het om grote "eeuwige" wereldse waarheden en uit naam van die waarheden zijn de gruwelijkste dingen gedaan, zoals de Eerste Wereldoorlog, Auschwitz, de atoombom, .... .  

 

     Hun plan bestond niet uit een uitgewerkte politieke filosofie, maar uit technologie en beweging speelde daarbij een belangrijke rol, zoals bij een opgejaagd dier dat zich steeds beweegt, zodat de jager hem niet in zijn vizier kan krijgen. Het is dus meer een tactiek dan een theorie. De techniek bood de mogelijkheden om die beweging in de maatschappij te verankeren en zo de bestaande beschaving te ondergraven. En zo hebben zij - met hard werken - in een kleine veertig jaar de wereld weten te veranderen en is er een rage in Games ontstaan waarin je zoveel mogelijk mensen kan doodschieten.

 

     Alles wat hierboven is omschreven komt uit de Filosofiemagazine van juli 2019 en bevat informatie die volledig aan mijn belevingswereld is ontgaan. Oké, ik heb  van de eerste en tweede wereldoorlog vernomen en ook van  Auschwitz, de atoombom en de hippiecultuur, maar van een Californische tegencultuur heb ik nog nooit iets gehoord, laat staan dat daar zulke beschaving ondergravende Games uit voort zijn gevloeid. Wat een haat moet hieraan ten grondslag hebben gelegen.

 

     Op mijn vijfenvijftigste levensjaar woekerde in mij gramschap. Twee echtscheidingen, op last van de rechtspraak geen contact meer met mijn kinderen, het contact met al mijn vrienden, familie en kennissen kwijt geraakt, financieel kapot gemaakt en een huwelijk waar ik volledig op was uitgekeken. Daarnaast acht overtuigingen bestudeerd en daarmee de naam opgebouwd dat ik met alle winden meewaaide. Bij mij was het toen ook tijd voor verandering.

 

     Ik ben geswitcht naar een andere cultuur, (1) waarin ik geleerd heb om anderen te vergeven. Dat kon ik doen omdat ik in die cultuur dingen heb geleerd die allemaal met de eeuwigheid te maken hebben waar de overgrote meerderheid nog nooit enige aandacht voor heeft gehad. Ik kan dus vergeven omdat vrijwel niemand weet wat hij of zij doet. (2) Ik ben mede hierdoor een gelukkig mens geworden en heb met een heilige lieveling een eeuwigdurend huwelijk mogen sluiten. Ja, met mij is het helemaal goed gekomen. En dit getuig ik in Jezus Christus naam. Amen.

 

(1. 'De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen', in de volksmond ook wel de Mormonen genoemd.)

 

(2. Laat u voorlichten door de priesterschapsdragers van genoemde kerk in 1.)